Van grens naar niche
Omstandigheden en hulpbronnen vormen vaak de basis van een ecologische vraag. Een organisme moet bepaalde temperaturen, vochtigheid, zuurgraad en andere omstandigheden kunnen verdragen. Tegelijk heeft het concrete bronnen nodig om te groeien, zichzelf te onderhouden en om zich voort te planten.
Een omstandigheid wordt ervaren, maar niet opgebruikt. Een hulpbron wordt gebruikt en kan daardoor minder beschikbaar worden voor andere organismen. Licht dat door een blad wordt onderschept, water dat door wortels wordt opgenomen en voedsel dat door een dier wordt gegeten, zijn daarna niet opnieuw op dezelfde manier beschikbaar.
Vanuit dat onderscheid groeit deze reeks van artikelen verder. Eerst kijken we naar de anorganische hulpbronnen van autotrofen. Daarna naar voedsel als hulpbron voor heterotrofen, naar concurrentie bij schaarste en uiteindelijk naar habitat en ecologische niche.
Omstandigheden bepalen de speelruimte. Hulpbronnen bepalen wat binnen die speelruimte mogelijk is.